Franciscanenklooster

Franciscanenklooster

Het voormalige klooster van de observant-franciscanen met de Sint-Catharinakerk bevindt zich ten noorden van het historische stadscentrum.

Het kloostergebouw doet tegenwoordig dienst als zetel van de districtsrechtbank. Hendrik IV van Hradec schonk land aan de franciscanen en liet op eigen kosten het kloostercomplex bouwen. De stichting werd uitgebreid door Anna van Münsterberg, weduwe van Hendrik IV. Zij stichtte tegenover het klooster een zogenaamd “klein klooster” – een begijnenhuis met hospitaal (in gebruik tot 1598, daarna enkel als weduwenverblijf). In 1619, tijdens de Statenopstand, werden de kerk en het klooster in brand gestoken. De heringewijde kerk werd in 1625 ingewijd in aanwezigheid van de aartsbisschop van Praag, Arnošt Vojtěch Harrach. Het herstel van het klooster werd pas in de jaren 1640 voltooid. Na een nieuwe brand in de jaren 1670 werd bij de herbouw ook de Porziuncolakapel toegevoegd. De wederopbouw wordt toegeschreven aan F. Caratti of G. D. Orsi, die voor de familie Slavata werkten. Tijdens de hervormingen onder keizer Jozef II werd het klooster eerst afgeschaft, maar het besluit werd later ingetrokken. De franciscanen bleven in Jindřichův Hradec tot de definitieve opheffing van het klooster in 1950.